Tijd en informatieoverdracht

Zon :

Ster uit spectraalklasse G2

Massa : 2 x 10 ³° kg

Inwendige temperatuur : 16.000.000 K

Oppervlaktetemperatuur : 5800 K

Dichtheid in centrum : 200 gr/cm3

Gemiddelde dichtheid : 1,4 gr/cm3

Aarde :

 

 

Massa : 6 x 10 ²4 kg

Diameter : 12700 km

Gemiddelde dichtheid : 5,5 gr/cm3

 

Tijdvertraging tussen zon en aarde

De afstand tussen zon en aarde, voorgesteld door het symbool d, bedraagt 150.000.000 km. Het licht beweegt zich door de ruimte tegen een slordige 300.000 km/s, en die snelheid wordt c genoemd. In één jaar tijd legt het licht dan 9,500 000 000 000 km af, en deze afstand noemen we een lichtjaar. We kunnen ook berekenen hoe lang het licht er over doet om van de zon tot de aarde te geraken, en zoals je hier onder kan zien is dat iets meer dan 8 minuten. Informatie uit het heelal bereikt de aarde via elektromagnetische straling, zoals radio- en lichtgolven. Omdat de snelheid van het licht beperkt is verloopt er een bepaalde tijd tussen het ontstaan van een verschijnsel en het waarnemen ervan.

We zien het heelal dan ook niet zoals het nu is, maar zoals het vroeger was !

Andromedanevel (M31) :

Sterrenstelsel van het type Sb I-II

Massa : 10 43 kg

Aantal sterren : 5 biljoen

Afstand tot de aarde : 2,5 miljoen lichtjaar

Het licht van Andromeda is 2.5 miljoen jaar onderweg voor het de aarde bereikt. Met andere woorden, wij zien het sterrenstelsel zoals het er 2.5 miljoen jaar geleden uitzag.

 

Pulsar :

 

De gravitatiekracht op een pulsar is zo sterk dat electromagnetische straling enkel aan de magnetische polen kan ontsnappen. De expansie van het heelal doet de afstand tussen aarde en pulsar toenemen. Wanneer een stralenbundel afkomstig van de pulsar langs de aarde strijkt ontvangen we een aantal pulsen per seconde. Zowel de frequentie als de duur van de pulsen wordt door de expansie van het heelal beïnvloed : de frequentie wordt kleiner en de duur wordt groter.

 

Bestanden: 

Is er iets onduidelijk? Heb je een fout gevonden? Mail ons!