Brachten kometen leven op aarde?

In de ruimte komen talkrijke organische, vaak complexe organische verbindingen voor, zoals suikers, alcohol, formaldehyde, en nog vele andere gevormd onder invloed van ultraviolette straling. Deze organische verbindingen, noodzakelijke bouwstenen voor leven, zullen ten dele op aarde terechtgekomen zijn toen deze werd gevormd.

Het water dat onze oceanen heeft gevormd, komt bijna zeker uit de buitenste regionen van het zonnestelsel. In de omgeving van de aarde kan in de luchtledige ruimte water enkel als waterdamp voorkomen. In de buitenste regionen van het zonnestelsel is het voldoende koud om ook waterijs te hebben. Waterijs komt bijzonder veel voor in kometen en planetoïden, en is ten gevolge van inslagen door deze objecten naar de aarde getransporteerd.

Ongeveer 3,9 miljard jaar geleden werden de banen van de reuzenplaneten tijdelijk instabiel. Hierdoor werden talloze kometen en planetoïden uit hun baan geslingerd, en werden de binnenste planeten waaronder de aarde getroffen door een regen van inslagen. Men noemt deze fase het Late Heavy Bombardment (LHB). De meeste maankraters die wij nu zien, werden tijdens het LHB gevormd. Veel van het op aarde aanwezige water moet tijdens het LHB verdampt zijn, maar nieuw water werd ook aangevoerd door de inslagen. Na het LHB werd het terug veel rustiger in het zonnestelsel. Niet heel lang daarna, mogelijk reeds 3,6 miljard jaar geleden, ontstond het leven op aarde dat wij nu kennen.

Naast water, bevatten kometen ook organische verbindingen. Als een komeet recht op de aardse atmosfeer botst, zal vermoedelijk al het organisch materiaal dat zij meedroeg verbrand zijn. Maar als bvb. 20% ervan de aarde nadert onder een kleinere hoek kan het materiaal wel overleven en zullen er misschien zelfs complexere structuren ontstaan als gevolg van de schokgolf en de temperatuurstijging. Met welke verdere tussenstappen deze organische structuren konden evolueren naar levende organismen is nog niet eenduidig bekend.

 

Stardust

De NASA satelliet Stardust vloog op 2 januari 2004 door de staart van de komeet Wild 2. Het stof dat toen werd opgevangen, kwam op 15 januari 2006 aan op de aarde. Men vond ondermeer glycine, een aminozuur dat levende organisme gebruiken, en om proteïnen te fabriceren. In sommige meteorieten zijn nadien ook aminozuren gevonden. Ketens van aminozuren verbonden door peptidenbindingen vormen eiwitten. Eiwitten zijn zeer belangrijk voor levende organismen. Ter illustratie wordt hieronder een weergave van de vorming van peptidebinding tussen twee aminozuren getoond.

Is er iets onduidelijk? Heb je een fout gevonden? Mail ons!