Ruimtevaart april 2013

De Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA overweegt zowaar het kidnappen van een planetoïde! De NASA vraagt 100 miljoen dollar om de mogelijkheid van zo een missie te onderzoeken. De NASA wil een planetoïde (“asteroïde” zeggen de Amerikanen) vangen en die naar het punt van Lagrange “achter” de maan slepen. Daar houden de zwaartekracht van de aarde en de maan mekaar in evenwicht en kunnen astronauten de planetoïde onderzoeken.

In april 2010 gaf president Obama aan dat de NASA tegen 2025 astronauten naar een planetoïde zou brengen. Niemand liep echt warm voor dat idee, tot in de lente van 2012 een studie opdook om een onbemande sonde naar een  planetoïde te sturen, die te vangen en ze in zes tot tien jaar naar de maan te slepen. De studie gaat uit van een planetoïde met een massa van ongeveer 500 ton en een diameter van 7 meter of zo (de planetoïde boven Tsjeliabinsk was naar schatting dubbel zo groot). De studie raamt de kostprijs van die onderneming op 2,65 miljard dollar (evenveel als de Mars robot Curiosity). Maar de ervaring leert dat zulke projecten uiteindelijk aardig wat meer kosten omdat een reeks nieuwe technieken en technologieën moeten ontwikkeld worden.

De studie kan je hier lezen.

    ^ Een schets van de planetoïde kidnapper                                                                           ^ Afmetingen van de planetoïde kidnapper     

Vorige maand heeft ESA een gedetailleerd beeld vrijgegeven van de kosmische achtergrond straling (KAS), gemaakt door de ESA sonde Planck. KAS is het eerste licht dat 380.000 jaar na de Big Bang doordrong in het heelal en werd in het midden van de jaren ’60 ontdekt. Het is de gloed van de Big Bang, nu bijna 14 miljard jaar geleden, die nu is afgekoeld tot 2,7° boven het absolute nulpunt (zowat 270° Celsius onder nul). Maar die temperatuur en de minuscule variaties (zowat één miljoenste van één graad) in wat er van die gloed overblijft, zijn nog altijd meetbaar.

                                                                  ^ Globale kaart van KAS                                                                  ^ Globale kaart met scheidingslijn noord-zuid en koude vlek

In hoofdzaak bevestigt deze “baby foto” van het heelal wat eerder door de Amerikaanse satellieten COBE en WMAP was vastgesteld. Maar Planck is drie keer meer gedetailleerd en dat leverde enkele “verfijningen” op. Zo is de ouderdom van het heelal – dus het moment van de big bang – wat ouder geworden: 13,82 miljard jaar (50 miljoen jaar extra).

En de verhoudingen tussen materie, “duistere” materie en “duistere energie” zijn licht gewijzigd. Volgens Planck is het heelal opgebouwd uit amper 4,9 % gewone, alledaagse materie. Er is 26,8 % “duistere” materie (waarvan niemand weet wat het is, maar die wel nodig is om bvb. sterrenstelsel samen te houden). De rest van het heelal is gevuld met 68,3 % “duistere” energie die het heelal sneller doet uitdijen, maar waarvan ook al niemand weet waar die energie vandaan komt.

                                                                                                                                                                             ^ Samenstelling heelal voor en na Planck

 

Planck bevestigt dat het noorden van de KAS een tikkeltje kouder is dan het zuiden. En er is één koud punt in het zuiden (blauwe vlek op KAS-kaart). Voor het overige is de kaart van het heelal voer voor specialisten.

Misschien is de ruimtevaart wel op het spoor van wat die “duistere” materie wel is, of misschien ook niet.... Dat zijn in een notendop de eerste resultaten van het 7 ton zware AMS (Alpha Magnetic Spectrometer) dat sinds 2011 bovenop het Internationale ruimtestation zit om de kosmische stralen te onderzoeken. Die eerste resultaten zijn hoopgevend. Maar de knoop kan pas worden doorgehakt met het onderzoek van meer en krachtiger kosmische stralen.  Wordt dus vervolgd.

                                                                                                                     ^ AMS bovenop het ISS

De onbemande rijdende robot Curiosity (of nog MSL of Mars Science Laboratory), heeft na zes maanden op Mars zijn hoofdopdracht met succes uitgevoerd. Curiosity heeft aangetoond dat op de Rode Planeet ooit leven kan hebben bestaan. “KAN” want een concreet bewijs heeft Curiosity (nog) niet geleverd en dat was ook niet het opzet. Wel staat vast dat in sedimentaire rotsen, dus rotsen ontstaan uit de modder van een rivier, water is gevonden en alle chemische elementen die op aarde in levende wezens worden gevonden (koolstof, zuurstof, stikstof, enz.).

                               ^ zelfportret van Curiosity bij boren in rots

Voorlopig komen er geen gegevens meer binnen van Curiosity. Van 4 april tot 1 mei staat de zon tussen de aarde en Mars en verhindert zo elke radioverbinding.

Je zou er haast de bemande ruimtevaart bij vergeten...

De Russische ruimtevaartorganisatie Roscosmos bracht einde maart Sojoez TMA-08M met drie ruimtevaarders (twee Russen, één Amerikaan) in minder dan 6 uur naar het ISS in plaats van de traditionele twee dagen. Enkele onbemande Progress vrachtcabines hadden vooraf het snelle traject uitgeprobeerd.

Voordeel: de bemanning is sneller aan boord van het ISS en hun nuttig verblijf daar wordt twee dagen langer. Nadeel: diezelfde bemanning heeft geen tijd meer om hun ruimtepakken uit te trekken. Vervelend bij het gebruik van het toilet in de Sojoez.

 

Brussel 11 april 2013

Herman Henderickx.

Is er iets onduidelijk? Heb je een fout gevonden? Mail ons!