|
Frank De Winne werd geboren op 25 april 1961 in Ledeberg (Gent). Hij is
getrouwd en vader van drie kinderen. Hij studeerde in 1979 af aan de Koninklijke
Kadettenschool in Lier, en behaalde een diploma telecommunicatie en burgerlijk
ingenieur aan de Koninklijke Militaire School in Brussel. Daarbij kreeg hij de
AIA prijs voor de beste thesis. Daarna begon hij met een training voor piloot
aan de Elementaire Vliegschool in Brussel. Na een operationele carriere op
Mirage 5 behaalde hij het brevet van testpiloot aan de Empire Test Pilot School
in Boscombe Down (Verenigd Koninkrijk).
Als piloot was hij ondermeer enkele jaren verantwoordelijk voor de
testvluchten van het Belgische leger. Zijn uitmuntende beheersing van
gevechtsvliegtuigen kwam goed van pas toen hij op 12 februari 1997
motorproblemen kreeg in een F-16. De boordcomputer viel daarbij uit en de opties
werden beperkt tot neerstorten in het IJsselmeer of een zeer gewaagde
noodlanding in een dichtbevolkt gebied nabij het Nederlandse Leeuwarden. De
Winne wist zijn machine echter veilig neer te zetten. Voor deze prestatie werd
De Winne als eerste niet-Amerikaan beloond met de Joe Bill Dryden Semper Viper
Award.
In augustus 1998 werd De Winne commandant van het 349ste Smaldeel,
gestationeerd op Kleine Brogel. Tijdens de NAVO-operatie Allied Force in de
Balkan (1999) was hij commandant van de Deployable Air Task Force, een Belgisch-
Nederlandse operatie die meer dan 2000 vluchten uitvoerde. In het kader van die
opdracht ontving De Winne van koninging Beatrix de onderscheiding Officier in de
Orde van Oranje Nassau. Alles bij elkaar heeft Frank De Winne een ervaring van
meer dan 2300 vluchturen in een groot aantal vliegtuigen.
In oktober 1998 werd De Winne geselecteerd als astronaut bij de ESA. Hij
begon met zijn training als astronaut in augustus 2001 in het Joeri Gagarin
trainingscentrum voor Kosmonauten in Sterrenstad nabij Moskou.
|